Welkom op de club van leven met de ziekte van Addison.
Ik heb deze club opgericht omdat Damian (15), de zoon van mijn zus Liesbeth, sinds mei 2008 de ziekte van Addison heeft.
Liesbeth is altijd op zoek naar lotgenoten omdat ze regelmatig tegen dichte deuren aanloopt. Omdat de ziekte in Nederland maar zo weinig voorkomt is deze ook niet erg bekend.
Dus bent u wel bekend met deze ziekte of kent u iemand in uw omgeving die de ziekte heeft of er meer van weet, word dan lid zodat u misschien ook lotgenoten ontmoet.
Vriendelijke groet, Judith
De ziekte van Addison is heel zeldzaam. Slechts 5 op de 100.000 mensen hebben deze ziekte. Bij zeer stressvolle situaties kunnen mensen die de ziekte van Addison hebben in problemen geraken of zelfs in een shock terecht komen.
De bijnier produceert bepaalde hormonen als cortisol en aldosteron. Deze hormonen zorgen voor de waterhuishouding en helpen het lichaam op stress te reageren. Een kenmerk van de ziekte van Addison is een afwijking van de bijnieren, zodat deze hormonen niet genoeg worden aangemaakt. Het immuunsysteem functioneert niet goed en gaat het klierweefsel van de bijnierschors zien als een vreemde stof. Bij de ziekte van Addison wordt door het afweer de bijnierschors aangevallen, waardoor de bijnierschors niet meer goed gaat werken.
Samengevat kun je de ziekte van Addison een aandoening van de bijnieren noemen. De bijnieren produceren te weinig cortisol en aldosteron, waardoor het lichaam niet goed meer reageert op stress, verschil in bloeddruk en stofwisseling. De ziekte van Addison is een zeldzame chronische ziekte en is beschreven door de Engelse arts Thomas Addison in 1855.
Het kenmerkende teken is de oranje/bruine verkleuring (hyperpigmentatie) van de huid en de grijze verkleuring van de slijmvliezen. Ook de handpalm en handlijnen kunnen oranje/bruin verkleuren. Hyperpigmentatie komt voor bij 92 procent van de patiënten, en is dus een cruciaal diagnostisch criterium. De hyperpigmentatie is soms al waarneembaar voordat er andere symptomen optreden. Indien er geen sprake is van huidverkleuringen wordt het stellen van de diagnose zeer lastig, omdat de meeste overige symptomen nogal algemeen zijn.
Andere voorkomende symptomen zijn:
Inleidend
In normale situaties, bij gezonde mensen, maakt de bijnier bij stress extra cortisol aan. Bij een niet goed werkende bijnier(schors) gebeurt dat niet. Dan moet om een Addison-crisis te voorkomen extra corticosteroïden worden ingenomen of gegeven. In principe kan elke patiënt die een verminderde bijnier functie heeft als gevolg van langdurig gebruik van corticosteroïden met een dergelijke crisis te maken krijgen.
Bij een Addison-crisis moet zo snel mogelijk de hoeveelheid corticosteroïden in het lichaam worden aangevuld. Een acuut tekort kan ontstaan bij ernstige stress. Onder stress verstaan we dan niet alleen ernstige psychische stress, maar ook lichamelijke stress (= lichamelijk belasting).
Verschijnselen Addison-crisis
Als u denkt dat u ‘tegen een crisis aanzit’ en u kunt nog medicatie slikken, dan heeft het weinig zin om bijv. 2,5 mg extra te nemen. Neem dan minimaal 10-20 in één keer om echt een snelle en voldoende aanvulling van het corticosteroïd niveau te realiseren.
De verschijnselen van een Addison-crisis kunnen zowel acuut als sluipend voordoen. Voorbeelden van een acute situatie zijn een ongeval met ernstige lichamelijk verwondingen of bij een operatie waarbij niet vooraf gezorgd is voor een infuus met corticosteroïden.
De meeste kenmerkende verschijnselen zijn:
- gebrek aan eetlust
- misselijkheid (wee gevoel in de maagstreek)
- braken
- krampende buikpijn en diarree (soms met koorts)
- afwezig en suf zijn en zwak voelen
- neiging tot flauwvallen
Ook bij koorts boven de 38 graden Celsius wordt geadviseerd flink extra te nemen, bijv. 60 en 30 mg hydrocortison, om zo niet in een addicon-crisis te geraken. Als de koorts gezakt is in enkele dagen afbouwen tot normale dagdosering.
Wat te doen bij een Addison-crisis?
* Slik extra pillen ('s morgens 60 mg en 's middags 30 mg hydrocortison of:
75 mg en 37,5 mg cortisonacetaat.)
* Als extra slikken niet lukt door braken en/of diarree,
plaats dan een noodinjectie (bijv. 100mg Solu-Cortef.)
Neem daarna contact op met de afdeling endocrinologie van uw ziekenhuis
of als deze gesloten is bel de Spoed Eisende Hulp (S.E.H.).
* Indien u de huisarts(enpost) of nog beter de Spoed Eisende Hulp belt,
dan altijd melden dat u bijnierschorsinsufficiëntie heeft!
Het medisch team moet verteld worden dat u corticosteroïd afhankelijk bent.
N.B. Als u twijfelt of de dosis verhoogd moet worden, bedenk dan dat het altijd veiliger is om kortdurend teveel dan te weinig te nemen.
U kunt natuurlijk altijd uw arts raadplegen.

Welkom bij Clubs!
Kijk gerust verder op deze club en doe mee.
Inloggen met Hyves
Inloggen met Facebook
Inloggen met Google
Inloggen met Windows Live
Inloggen met Twitter Wat is dit?Je kan je ook aanmelden via een van bovenstaande partner websites. Klik op het icoontje en je bent direct ingelogd op Clubs.nl
Of maak zelf een Clubs account aan:
Statistieken
Bijnieren
Ieder mens heeft twee bijnieren. De bijnieren zijn niet, zoals de naam zou doen vermoeden, organen die assisteren bij de werking van de nieren. In wezen hebben ze eigenlijk nauwelijks iets te maken met de werking van de nier.
Bijnieren zien er uit als enigszins afgeplatte vlezige gelige organen ter grootte van het laatste kootje van je duim. De bijnieren wegen elk ca. 5 gram en liggen bovenop een vetlaag op de nieren. Iedere bijnier bestaat uit twee delen, de schors of buitenkant (cortex) en de kern of bijniermerg (medulla). De schors omvat 90% van het gewicht (iets meer dan 4 gram) en het merg ongeveer 10% (iets minder dan 1 gram).
Hoewel ze klein in omvang zijn, maakt de bijnierschors een drietal zeer belangrijke hormonen: cortisol, aldosteron en androgenen. Deze hormonen worden ook wel steroïden genoemd. Het bijniermerg produceert cathecholamines. Dit zijn stoffen die bij signaaloverdracht in het zenuwstelsel een rol spelen (ofwel neurotransmitters), zoals (nor)adrenaline en dopamine.

Bijnierschorshormonen
De bijnierschorshormonen cortisol en aldosteron spelen een rol bij onder andere de suikerstofwisseling, afweerreacties, stressreacties, waterhuishouding en de zouthuishouding. De bijnierschors maakt daarnaast ook androgenen, welke de ontwikkeling van mannelijke secundaire geslachtkenmerken bevordert.
De bijnieren staan onder controle van de hypofyse. De hypofyse is een kleine endocriene klier ter grootte van een erwt die aan de onderzijde van de hersenen ligt. In normale omstandigheden zijn de hypofyse en bijnieren volledig in balans.

Wat zijn hormonen?
Een hormoon is een stof die door een klier aan het bloed wordt afgegeven en ergens in het lichaam de werking van een orgaan beïnvloedt. De invloed kan stimulerend zijn, of remmend. Een hormoonklier heeft geen afvoergang. Het hormoon komt terecht in talrijke haarvaten, die door de hormoonklieren lopen. Daarom spreekt men van een endocriene klier, of klier met inwendige afscheiding. Via de bloedvaten komt een hormoon in alle lichaamsdelen, maar alleen organen die gevoelig zijn voor het desbetreffende hormoon reageren er op. Als de hormoonhuishouding verstoord raakt, kan een mensen ernstig ziek worden.
Thomas Addison
In 1855 beschreef Thomas Addison voor het eerst de symptomen die verband houden met de dodelijke gevolgen van bijnierbeschadiging. Sinds die tijd wordt dit de ziekte van Addison genoemd. Tot 1950 was het dodelijk als de bijnieren niet goed functioneerden. De introductie van glucocorticoïden in 1950 betekende een revolutie in de behandeling van deze ziekte en gingen mensen niet meer onherroepelijk dood als hun bijnier niet meer functioneerde.

Bijnierschorsinsufficiëntie
De ziekte van Addison wordt ook wel primaire bijnierschorsinsufficiëntie genoemd. Dit betekent dat er sprake is van een toestand waarin de bijnierschors onvoldoende functioneert als gevolg van een aandoening gelegen in de bijnierschors zelf (primair). Omdat er behalve cortisoltekort ook een aldosterontekort is, moeten zowel cortison als florinef als medicijn gegeven worden.
Secundaire bijnierschorsinsufficiëntie komt vaker voor. Hierbij is de bijnier zelf in principe niet ziek, maar ligt de oorzaak buiten de bijnierschors. Meestal is de oorzaak gelegen in een tekortschietende hormonale aansturing van de bijnieren door de hypofyse. Er is onvoldoende ACTH stimulatie. Daardoor is er onvoldoende cortisol, maar voldoende aldosteron. In dit geval is alleen medicatie met cortison nodig.
Ook kan de bijnier(schors)insufficiëntie worden veroorzaakt door een medische behandeling (medicijngebruik). Dit noemt men dan iatrogene (of ook wel tertiaire) bijnierschorsinsufficiëntie.
Bijnierschorshormonen in detail
Er zijn drie groepen bijnierschorshormonen (corticosteroïden of steroïden):
1. De glucocorticoïden (waarvan de belangrijkste cortisol is)
2. De mineralocorticoïden (waarvan de belangrijkste aldosteron is)
3. De gonadocorticoïden (geslachtshormonen of androgenen)
Cortisol (stresshormoon)
Cortisol is één van de weinige hormonen die absoluut noodzakelijk zijn om te kunnen leven. Dit hormoon is, naast het aansturen van de stressreactie van het lichaam, onder andere van belang om je fit te voelen, om het suikergehalte in het bloed op peil te houden en om het lichaam tegen de gevolgen van ziektes, verwondingen en psychische stress te beschermen.
Cortisol is dus nodig om het lichaam goed te laten functioneren. Maar daarnaast is cortisol ook nog een stresshormoon. Dat wil zeggen dat het organisme cortisol in een hoge concentratie nodig heeft om stressvolle situaties te boven te komen (tot wel tienmaal zoveel als normaal). We bedoelen dan zowel lichamelijke stress (koorts, ziektes, ongevallen) maar ook psychische stress!
Daarom kan cortisol niet altijd in een constante (dezelfde) hoeveelheid ingenomen worden. Elke moment kan het lichaam een andere hoeveelheid cortisol nodig hebben.
Cortisol behoort tot de groep van glucocorticosteroïden. (Herleiding: ‘gluco-’ van glucose of bloedsuiker, ‘-cortico-’ voor schors en ‘–steroïd’ naar de chemische basis). Cortisol is het hormoon dat door het lichaam zelf wordt geproduceerd in de bijnierschors. Dit gebeurt onder invloed van ACTH. De hypofyse wordt door de hypothalamus (dat is het hersengedeelte dat vlak boven de hypofyse ligt) door middel van het hormoon CRH (Corticotropine Releasing Hormoon) aangezet tot het maken van ACTH (= adrenocorticotroop hormoon).
Als de bijnieren niet genoeg van het hormoon cortisol produceren, geeft de hypofyse via een toename van de ACTH-productie de bijnieren de opdracht om extra cortisol aan te maken. Als er voldoende of te veel cortisol gemaakt wordt, reageert de hypofyse door de aanmaak van het bijnierstimulerend hormoon ACTH te verminderen. Dit heet het terugkoppelingsmechanisme. In een grafiek ziet dat er als volgt uit.

Aldosteron (zoutregulerend hormoon)
Aldosteron behoort tot de groep van mineralocorticoïden. (Mineralo betekent: met invloed op de mineraal- of zouthuishouding.) Dit hormoon regelt de hoeveelheid zout (natrium en kalium) dat door de nieren wordt uitgeplast. Onder invloed van renine-agiotensine produceert de bijnier aldosteron. Renine werkt vaatvernauwend en Aldosteron is een hormoon dat bloeddrukverhoging bewerkstelligd door zout (Natrium) en daarmee water vast te houden.
Als dit hormoon onvoldoende wordt gemaakt, verliest de patiënt veel zout waardoor een zoutgebrek ontstaat, geen vocht meer kan worden vastgehouden met uitdroging als uiteindelijk gevolg. Ook wordt de bloeddruk mede door dit hormoon op peil gehouden. Ook van dit hormoon is de concentratie in het bloed sterk wisselend.
Indien er sprake is van een autonome overproductie van aldosteron spreekt men van primaire hyperaldosteronisme (PHA). De oorzaak kan zijn overproductie als gevolg van een aldosteron-producerend adenoom (ziekte van Conn) of door overproductie als gevolg van een dubbelzijdige hyperplasie (idiopathisch hyperaldosteronisme).
Het is goed om te weten dat glucocorticoïden ook een zogenaamde mineralocorticoïde werking hebben. Dit betekent dat bijvoorbeeld cortisol (of zijn vervanger (hydro)cortison) voor een deel een zelfde werking heeft als aldosteron (of zijn pharmaceutische vervanger fludrocortison). Daarbij moet bij de bepaling en bij wijziging van de dosering rekening worden gehouden.
Androgenen (mannelijke geslachtshormonen)
Androgenen behoort tot de groep gonadocorticoïden. Deze hormonen komen bij zowel mannen als vrouwen voor. Samen met de androgenen uit de eierstokken of testikels bevordert het bij kinderen de lichaamsgroei en laat het schaam- en okselbeharing groeien en regelt de geslachtelijke ontwikkeling. Door de verstoring van de hoeveelheid van dit hormoontype kunne ernstige (geslachtelijke) ontwikkelingsproblemen ontstaan (AGS).
Een ander androgeen dat exclusief in de bijnierschors genmaakt wordt is het hormoon dehydroepiandrosteron afgekort als DHEA. De mannelijke hormoonwerking hiervan is gering en het belang voor ons functioneren is nog niet geheel duidelijk. Wel zijn er in toenemende mate aanwijzingen dat ook dit hormoon een rol kan spelen bij een goede medicamenteuze instelling bij patiënten zonder normale bijnierfunctie.
Ook al hebben genoemde bijnierschorshormonen verschillende werkingen, ze worden allemaal gemaakt van hetzelfde basismateriaal: cholesterol. De bijnier wordt voorgesteld als een reservoir gevuld met cholesterol. Het cholesterol wordt verdeeld over de drie genoemde hormoonstromen. Voor deze verdeling zijn speciale chemische stoffen nodig, zogenaamde enzymen. Ieder enzym speelt een aparte rol in het proces. In scheikundig opzicht hebben al deze hormonen dezelfde scheikundige basisvorm, deze noemt men het steroïdskelet (bestaat uit ringen van koolstofatomen). De verschillen zitten hem alleen in de samenstelling van de rest- of staartgroepen, die aan het steroïdskelet vast zitten.
Substitutietherapie
Gelukkig hebben veel patiënten met hormoonsubstitutie een goede kwaliteit van leven. Om het normale 24-uurs ritme van cortisol zoveel mogelijk na te bootsen wordt hydrocortison veelal in 3 doses over de dag verdeeld gegeven, bijvoorbeeld als 10-5-5 mg. De kosten van medische behandeling voor (hydro)cortisonsubstitutie zijn erg laag (10 eurocent per dag.)
Bij een deel van de patiënten laat de kwaliteit van leven veel te wensen over. De klachten zijn echter objectief niet goed vast te leggen.
Dit komt door:
- de intrinsieke biologische onvolkomenheden van hormonale
substitutietherapie, of wel: het is moeilijk om de natuur na te bootsen
- het ontbreken van goede markers voor de biologische activiteit
- grove doseringschema's die leiden tot onder- of overdosering.
Waarom is de substitutietherapie (chronische behandeling) zo moeilijk?
De subtiele effecten van hydrocortison zijn heel moeilijk te meten. Het lichaam luistert zó nauw -naar hydrocortison of andere hormonen, dat kleine schommelingen, door welke reden dan ook - meteen effect hebben op het welbevinden.
Bron: http://www.nvacp.nl